|
|



Meer info over: DOM KONIJN ..... |
Fragment uit het boek: Dom Konijn moet zijn bek houden. Groot Konijn heeft het al een paar keer gezegd. Dom Konijn moet ophouden met vragen stellen. Dom Konijn moet stil in zijn hoekje zitten - dat kan even niet anders. Dat begrijpt Dom Konijn toch wel? Kom zeg, op een tijd als dit - nu Oud Konijn zo ligt te bibberen. Nu hij ligt te zuchten als de wind door donkergroene bomen, nu hij ligt te kreunen als een waaitak die begint te breken. Maar Dom Konijn heeft een vraag. 'Hoe...' begint Dom Konijn. 'Nu niet!' roept Groot Konijn. 'Kop toe en kaken op elkaar!' Maar Dom Konijn voelt hoe zijn vraag niet goed op slot kan. Hoe zijn vraag begint te fladderen - van binnen. Door zijn kop, zijn vacht, zijn kleine pootjes. Hoe zijn staart begint te friemelen. Dat doet de vraag. Dom Konijn sluipt naar buiten. Omdat de vraag naar buiten moet. Buiten ligt Kaal Kuiken. 'Moet jij niet in de boom?' vraagt Dom Konijn. 'Moet jij niet in je hol?' zegt Kuiken Kaal. 'Ben je komen vliegen?' vraagt Dom Konijn. 'Nee. Dat noemen ze vallen. Bijna hetzelfde - als je niet goed oplet,' zegt Kuiken. 'Heb je nog zo'n slimme vraag?' 'Ja,' zegt Dom Konijn - en hij begint te huppelen, 'ik wil weten hoe het is om dood te zijn.' |
In het Frans verschenen als Petit Lapin Stupide (Éditions Être) Vertaling: Séverine Lebrun en Christian Bruel. |